Beste Cricketelftal van HBS

Zoals u inmiddels waarschijnlijk al weet bestaat HBS in 2018 125 jaar. Voor deze gelegenheid wordt een jubileumboek uitgebracht. De redactie van dit boek is momenteel hard bezig om alle mooie verhalen op papier te zetten. In dit boek willen we ook het Beste HBS-Cricketelftal presenteren.

Dit gaan we doen in 2 periodes. De eerste periode van 1928 - 1982 wordt in een klein gezelschap besproken en bepaald. Voor de tweede periode van 1983 - 2017 hebben we uw hulp nodig. Dit gaat namelijk via stemming. Bijgevoegd vindt u een formulier met daarin alle genomineerden uit de laatste periode en de regels waaraan uw team moet voldoen.  Eind januari zullen alle stemmen geteld zijn. Op 7 oktober 2018 wordt het boek gepresenteerd en kunt u zien of uw favorieten het Gouden Elftal gehaald hebben.

Dus kies een mooi moment tijdens de Kerstdagen. Ga er eens goed voor zitten en zet uw beste 11 spelers op papier. Als hulpmiddel om de keuze te maken hebben wij een korte introductie per speler geschreven. Tevens kunt u veel informatie vinden op de volgende sites.

Graag jullie lijst voor zondag 7 januari mailen naar TRISSELADA@HOTMAIL.COM, hebben jullie wat te doen tijdens de feestdagen.

Regels:

  • Stel jouw beste team op uit de lijst, kies jouw 11 spelers uit de lijst van 35. Een korte introductie helpt misschien om de keuze te maken.
  • Maximaal 1 buitenlander (coach)
  • 1 keeper, andere keeper mag je ook als batsman opstellen
  • Houdt rekening met een goede verdeling (aantal batsman/bowlers)
  • Stil in ieder geval 1 captain op
  • Initieer een 12e man die niet in de lijsten staat. Bij voldoende stemmen kan deze in de Gouden Elf komen.

Batsmen:

  1. Tobias Visée, keeper

Tobias Visée maakt op 19 augustus 2006 als 15-jarige zijn debuut in HBS 1 tegen VOC. Niet aan bat gekomen en geen vangen is misschien een debuut om te vergeten, maar het is wel de geboorte van een battingfenomeen. In de jaren die volgen laat Tobias zien dat hij alle familietalenten combineert, zowel binnen als buiten het veld. Inmiddels is hij uitgegroeid tot één van de meest ervaren HBS 1-spelers, is hij captain en Oranje-international. Met persoonlijke hoogste scores van 179 in de Hoofdklasse en 149 in de Topklasse laat de opener zien elke aanval te kunnen verpulveren. Het tempo waarin Tobias scoort is ongeëvenaard. Als keeper staat hij elk seizoen bovendien weer bovenaan in het rijtje met beste prestaties.

  1. Taco Risselada 

Taco Risselada is, zoals men dat zo mooi noemt, het eeuwige talent. Debuteren bij HBS op 16-jarige leeftijd is in het begin van de jaren negentig geen makkie. Het cricket viert hoogtij in die jaren. Jongelingen worden in die tijd vooral als opvulling gebruikt, maar maak geen fouten want dan krijg je de wind van voren. Taco laat zien een goede batsman te zijn, die ook met de bal altijd zijn wicketjes mee pakt. Het grote verschil met de anderen van zijn leeftijd betreft zijn fieldingskwaliteiten. Taco pakt, net als vader Thijs en broer Duco, alles wat op hem af komt. Uiteindelijk speelt de oudste Risselada zoon meer dan 300 wedstrijden in HBS 1. Een hoogste score van 88 doet eigenlijk geen recht aan de talenvolle speler die Taco is.

  1. Bradley Barnes, keeper, buitenlander

Bradley Barnes is zonder twijfel de snelste wicketkeeper die HBS ooit gehad heeft. Hij is veel te snel voor de umpires. Stumpings die uit zijn krijgt hij niet, die niet uit zijn dan weer wel. Brad is een uiterst energieke jongen, die op aanraden van Kenny Jackson aan het eind van seizoen 2011wordt binnengehaald als invaller-coach voor de vertrokken Brad Wilson. Bradley bevalt uitstekend en een jaar later slaat hij samen met de teruggekeerde Grant Elliott en de eveneens teruggekeerde Shane Deitz het kampioenschap in de Hoofdklasse bij elkaar. Hij speelt dat seizoen met een gemiddelde van 69.11 zonder een century te maken, 16.28 hoger dan Grant die een gemiddelde van 52.83 heeft. Bradley past bij HBS door zijn uitbundige en innemende persoonlijkheid. Tekenend zijn de bezoekjes die menig HBS’er aan hem brengt als ze in de buurt van Kaapstad zijn. Helaas zorgt de degradatie een jaar later er voor dat hij niet meer terugkeert bij HBS. 

  1. Alex O’Dowd

Alex O’Dowd wordt in 1991 als nieuwe coach gepresenteerd. De Nieuw-Zeelander is een stevige, rustige verschijning. Een batsman pur sang die af en toe een balletje off-spin los laat. Bij zijn debuut op 9 mei 1991 laat hij direct van zich horen. Op het kleine veldje van Excelsior ’20 slaat hij 92 runs bij elkaar. Uitblinken bij je debuut moet je eigenlijk nooit doen op HBS, want gelijkenissen met de “groten der HBS’ers” worden dan snel gemaakt. Ook nu blijkt, want Alex presteert de daar op volgende wedstrijden niet best. Tot 12 juni 1991 dan. Op die dag haalt hij fenomenaal uit tegen onze zuiderburen, 101 no, een schitterende inning. Alex komt dat jaar tot 634 runs, reden genoeg om hem nog twee seizoenen naar Craeyenhout te halen. Na de jaren bij HBS schopt hij het in Nieuw Zeeland bijna tot international. In 1999 komt Alex terug naar de lage landen. Dat hij bij zijn terugkeer naar Nederland uiteindelijk kiest voor HCC is hem bij dezen vergeven. 

 

  1. Roger Bradley

Roger kwam in de periode van 1998 tot 2002 uit voor HBS en speelde in die periode 75 wedstrijden. Een zeer hardslaande batsman en een niet onverdienstelijke off-spinbowler. Helaas is hij in maart 2017 door een erfelijke aandoening op veel te vroege leeftijd overleden. Hij werd slechts 53 jaar.

  1. Alexei Kervezee

Alexei is het grootse talent dat HBS ooit heeft voortgebracht. Hij groeit op in Namibië en verhuist op 12-jarige leeftijd naar Nederland, waar hij bij ons zijn spel verder ontwikkelt. Hij maakt op 14-jarige leeftijd zijn debuut in HBS 1 en speelt helaas maar 3 seizoenen voor ons. Hierin maakt hij aan bat veel indruk en is zijn medium-pace bowling zeer nuttig. Zijn hoogste score aan bat is tegen VOC ( met George Bailey, Zuiderent en KJ Van Noortwijk in de gelederen), waarbij hij een partnership van 169 heeft met Grant Elliott en persoonlijk tot 72 runs komt. Op 4 juli 2006 komt hij voor het eerst voor het Nederlands cricketelftal uit. Eveneens in 2006 tekent hij bij de Worcestershire Country Cricket Club (WCCC), waar hij in 2010 zijn contract verlengt tot 2015. Hij wordt zelfs vergeleken met de grote Graeme Hick, maar helaas komt het er toch nooit helemaal uit. Inmiddels is hij vader en speelt hij voor Halesowen in de Birmingham League.

  1. Reinout Scholte, captain & keeper

Onze huidige voorzitter is een begenadigd keeper/batsman. Een klein uitstapje naar VOC is hem vergeven. Zeker omdat hij, toen HBS rond 2002 in degradatienood verkeerde, met VOC tegen HBS speelde en meer bezig was met een overwinning van HBS dan van VOC. Rein heeft meer dan 400 wedstrijden gespeeld voor HBS en VOC, waarvan de meeste op het hoogste niveau. Ook heeft hij twee wereldkampioenschappen meegemaakt     ( in India en Zuid Afrika). Zijn hoogste score is in 1994 tegen het destijds sterke Kampong ( met o.a. Floris Jansen en Peter Cantrell): 141 runs. Rein staat op de lijst van all-time dismissals met 440 stuks op plek twee, heerlijk boven onze grote vriend Jeroen Smits. Het afgelopen seizoen maakt hij wederom zijn rentree in het 1e. En ondanks zijn leeftijd is het nog altijd een genot om te kijken hoe gedreven iemand de King of Sports beleeft.

  1. Gui Borba, keeper 

Wederom een international, die bij HBS heeft gespeeld. Net zoals Grant Elliott, Jonathan Trott en Anton Devcich wordt Gui na zijn jaren bij HBS opgeroepen voor een nationale ploeg. Het is dit keer de Braziliaanse cricketploeg die een beroep doet op een echte HBS’er. Een fantastische keeper die ook verbaal zijn mannetje staat. Borba komt in totaal tot 123 potjes op het hoogste niveau en maakt daar achter het wicket 148 slachtoffers (en verbaal nog wel een stukje meer). 

  1. Diederik Visee , captain

Diederik Visée is gedurende een periode van meer dan 25 jaar van onschatbare waarde voor HBS. Van landskampioen in 1978, 1979 en 1980 tot verlosser in 2001 en 2003. In het begin van zijn carrière is Diederik een allrounder die als batsman in de middle order ingaat en vaak het totaal in de laatste overs nog enorm kan opvijzelen. Vervolgens wordt hij ook captain en uiteindelijk staat hij vooral bekend als zeer attractieve openingsbatsman die makkelijk in staat is binnen 10 overs een half century te maken. In 2001 verkeert HBS in grote problemen en degradatie dreigt. Diederik, die in 1998 “voor het eerst” gestopt is, wordt eind juli opgeroepen en redt HBS met meerdere zeer snelle hoge scores. Diederik passeert dit jaar de magische grens van 400 wedstrijden voor HBS1 en wint volledig terecht, net als in 1984, de Arie vd Wildebeker. Ook in 2003 heeft HBS het zwaar, weer wordt Diederik opgeroepen en speelt HBS zich veilig. We noemen Diederik “D”, maar bijnamen als Heintje Davids of El Salvador zouden hem zeker ook niet misstaan…

  1. Jan Glotzbach

Jan Glotzbach is in de jaren ’90 een vaste waarde in HBS 1. Al op jonge leeftijd gaat hij in op nummer 3 en moet hij de snelste en beste bowlers van de Hoofdklasse als Mc Curdy, Bryson, Edwards en Charles weerstand bieden. Dit doet hij met wisselend succes, maar hoe dan ook heeft Jan met meer dan 2000 runs in de Hoofdklasse een wezenlijke bijdrage geleverd aan de succesvolle jaren ’90 van HBS1. 

  1. Bart Visee

Bart is de eerste speler op de Nederlandse velden die met een helm speelt. En wat voor een helm, een ijshockeyhelm. Technisch is Bart de minst begaafde Visée, maar hij compenseert dit met een ongekend oog voor de bal. Bart is kampioen geworden in 1978, 1979 en 1980 en in de jaren ’80 valt het op dat het publiek bij thuiswedstrijden massaal om 5 voor 11 al aanwezig is, voor het geval HBS eerst gaat batten. Om kwart over 11 zou het totaal zomaar al rond de 40 kunnen zijn, waarvan dan een stuk of 35 runs van Bart zouden komen. En dan te bedenken dat in deze tijd alle fielders nog op de boundary mogen staan omdat er nog geen innercircle is.... Als part time bowler staat Bart bekend om zijn slingerworp en als fielder om zijn “safe pair of hands”. Helaas heeft Bart last van een slepende knieblessure waardoor we niet nog langer van hem mogen genieten.

  1. Steven Visee

De jongste van de broers Visée lijkt op jonge leeftijd alweer net zo’n talent als zijn oudere broers. Sloten met runs maakt hij in de jeugd en de verwachtingen zijn hoog. Die hele hoge verwachtingen heeft Steven nooit echt waargemaakt, maar hij zal  jarenlang een vaste waarde van HBS 1 zijn en met zijn winnaarsmentaliteit voegt hij echt wat aan toe aan een elftal waarbij het juist aan die mentaliteit nog weleens aan schort. En met meer dan 3000 runs in de Hoofdklasse staat hij als batsman zeker ook zijn mannetje in de Hoofdklasse. 

  1. Robert van Oosterom, captain

Ook de jonge Robert maakt de kampioensjaren van eind jaren ’70 mee, maar dan als scorer. Blijkbaar heeft hij goed gekeken naar toppers als Abed, Hope en Van Wel, want op nog jeugdige leeftijd maakt Robert zijn debuut in HBS 1 en wordt al snel een batsman in de toporder. Typerend voor Robert is zijn kaarsrechte bat waarmee hij talloze runs voor HBS 1 zal maken. Met 7925 runs heeft Robert de meeste runs voor HBS 1 gemaakt en met 171 runs (een van zijn 11 centuries voor HBS 1) heeft hij ook de hoogste individuele score op zijn naam staan. Robert speelt ook jarenlang voor het Nederlands Elftal en is met 128 interlands recordinternational van HBS. Juist in het Nederlands elftal waar veelal op graswickets en op velden met snel gras wordt gespeeld komt Roberts stijl van batten tot zijn recht, getuige zijn meer dan 2500 runs voor Nederland. Hoeveel runs zou Robert wel niet gemaakt hebben als hij in HBS 1 zijn hele carrière op kunstgras had gespeeld…….

  1. Jan Wolter IJssel de Schepper

Jan Wolter komt eind jaren ’70 over van Ajax Leiden en wordt basisspeler van HBS 1, waarmee hij in 1980 kampioen van Nederland wordt. Jan Wolter zal tot en met 1989 basisspeler blijven en is altijd goed voor zo’n 300 runs per seizoen. De gevleugelde uitspraak “patspalie”, die standaard wordt geuit bij HBS 1 bij een clean bowled in die tijd, komt uit de koker van Jan Wolter. Jan Wolter is een zeer sympathieke en nuttige teamplayer, die ook nog wel eens een balletje bowlt. Naast een cricketliefhebber is Jan Wolter ook een tabaksliefhebber. Legendarisch voorval is als hij in komt en zijn pakje shag is vergeten uit zijn broek te halen. Hij geeft de shag aan de zeer bekakte en arrogante umpire Herman Huizing, die hier duidelijk niks van moet hebben, hem al snel lbw geeft en het pakje shag hierbij teruggeeft.
Eind jaren ’80 speelt inmiddels vrijwel elke batsman met een helm, maar Jan Wolter is wellicht de enige cricketer in de Hoofdklasse die nooit met een helm speelt. Als HBS tegen Kon. UD speelt in Deventer, met als coach de keiharde bowler Rudy Bryson, komt Jan Wolter als nummer 7 doodleuk, bij de stand 5 voor 5, met het voor hem kenmerkende witte badstoffen hoedje in en weerstaat het geweld van Bryson probleemloos.

  1. Chris Pickett

In 1986 komt de Nieuw Zeelander Chris Pickett naar Nederland, een van de sympathiekste coaches die HBS ooit heeft gehad. En als hij in zijn eerste wedstrijd een century maakt, dan lijkt het erop dat we ook nog eens een topper hebben binnengehaald. Helaas blijkt dat toch tegen te vallen en blijft het bij die ene topscore voor hem. Maar Chris is wel een nuttige batsman die als parttime bowler ook nog een verraderlijk balletje loslaat. Chris blijkt ook goed te kunnen schaken, Jos Smulders kan daarover meepraten, want zijn Wilma wordt door Chris geschaakt. Chris is altijd een vriend van de club gebleven en je kan hem met recht een gentleman pur sang noemen die later ook nog een uitstekend umpire blijkt te zijn.

Bowlers:

  1. Sjoerd Weurman, captain 

Sjoerd Weurman is het gezicht van de HBS-aanval vanaf eind jaren negentig. Sjoerd is eigenlijk sinds zijn debuut op 3 mei 1997 nauwelijks meer uit het eerste weggeweest. Er waren hier en daar wat flirts met andere clubs, maar uiteindelijk blijft Sjoerd HBS tot op de dag van vandaag trouw. In het totaal speelt hij 313 wedstrijden in HBS 1. Hij pakt daarin 389 wickets en bowlt altijd zuinig. Naar mate de jaren vorderen laat Sjoerd zich meer en meer als batsman gelden met een voorliefde voor de ‘rechte’ boundary. Een high score van 63 mag er zijn voor iemand die 80% van zijn wedstrijden op plek 9,10 of 11 bat. Het cricket op HBS gaat Sjoerd nog steeds aan het hart. Deze voormalig captain is thans een zeer gewaardeerd lid van de Cricket Elftal Commissie, die de lijnen bij de senioren uitzet.

  1. Rasool Abed, captain 

Rasool Abed draagt de zware last op zijn schouders van het zijn van  ‘de zoon van’. Vader Dik is waarschijnlijk de beste cricketer die HBS ooit heeft gehad. Vooral de bowlinggenen zijn overgegeven aan Rasool. Het debuut van de toen nog lenige en gespierde fastbowler komt al op 29 augustus 1992 tegen Hermes. Een zuinig debuut met 0 voor 8 in 5, iets wat Rasool zijn hele carrière zal hebben: zuinigheid. Niet aan de bar overigens.
Na een aantal seizoenen tussen het eerste en het tweede in te zitten weet hij zijn plek echt zeker in HBS 1 rond de eeuwwisseling. Rasool speelt uiteindelijk 288 wedstrijden voor HBS 1 waarin hij 247 wickets pakt met een economy rate van 3.58. Stoïcijns, rustig en betrouwbaar, Rasool is een gentleman binnen en buiten het veld. Een bowler die vertrouwt op zijn lijn en lengte, maar die hem ook af en toe naar kan doortrekken. Mooi om te zien dat hij in zijn tijd als speler al bestuurslid is en dat ook hij nu nog deel uitmaakt van de Cricket Elftal Commissie.

  1. Berend Westdijk, captain 

Hard. Berend Westdijk bowlt erg hard. Er zijn er in Nederland weinigen, die harder bowlen dan Berend. Daarbij is hij vrij lang, waardoor hij een uitstekende en gemene ‘korte’ kan bowlen. De openingsbowler maakt zijn debuut op 4 mei 2004 en laat met 3 wickets een uitstekende indruk achter. De jonge Westdijk is een ruwe diamant die nog geslepen moet worden. Het duurt een paar seizoenen, maar vanaf 2008 is Berend een vaste waarde. Dit valt ook op bij de Nederlandse Bond en bij de andere clubs in de Topklasse. Op 15 juli 2009 maakt hij zijn debuut voor het Nederlands Elftal tegen Canada. Twee jaar later speelt hij in India het WK, waar hij drie wedstrijden speelt en 1 wicket pakt. Daarnaast is hij het laatste wicket van de hattrick van West Indiër Kemar Roach. Inmiddels heeft Berend dan de overstap gemaakt naar VRA waarmee hij twee keer landskampioen wordt. In 2013 keert de inmiddels ervaren bowler terug op het Kraaiennest. Helaas degradeert HBS dat jaar. Met Berend als captain volgt een jaar later weer promotie. In de finale van de play-off vernietigt Berend VCC met een openingsspel van 5-19. Wedstrijd gespeeld, HBS kampioen! 

  1. Ferdi Vink, captain 

Ferdi Vink is de ideale bowler om in je elftal te hebben. Pakt altijd wickets,  kan in verschillende fases bowlen en is uiterst betrouwbaar. Daarbij laat hij de laatste jaren zien heel aardig te kunnen batten. Een high score van 92, geslagen in het rampseizoen 2015, is natuurlijke een prachtige score. In het veld is Vink ook een zekerheidje, iemand met een geweldige ‘arm’. Op 13 augustus 2006 speelt Ferdi zijn eerste wedstrijd in HBS 1. In die beginjaren bowlt hij nog niet veel. Af en toe een paar overtjes en dat is het dan wel. Vaak nog wat duur, maar daar komt vanaf 2009 verandering in. De swingbowler heeft steeds vaker controle en het aantal wickets stijgt. Een bijkomend voordeel is dat er die jaren op het één na hoogste niveau wordt gespeeld. Een ideale plek om je als jonge bowler te ontwikkelen. Inmiddels is Ferdi in 2017 opgeroepen om mee te trainen met het Nederlands Elftal, speelt hij 10 jaar vast in HBS 1 en komen qua leeftijd zijn beste jaren er nog aan. 

  1. Jeroen Coster

Jeroen is de vader van de Dennis en Wessel die op dit moment het cricket op HBS mede dragen. Hij maakt in 1988 de overstap van onze buren en dat is natuurlijk binnen de cricketwereld een verhaal van jewelste! Jeroen is een echte ouderwetse fastbowler, die met een unieke actie het leven van iedereen behoorlijk lastig kan maken. Ook is hij verbaal nogal aanwezig en dat hebben voldoende teams geweten. Uiteindelijk speelt Jeroen 162 wedstrijden in HBS 1 gespeeld en pakt in totaal 249 wickets, met meer dan 1,5 wicket per wedstrijd zeer indrukwekkende cijfers. Zijn beste bowlingcijfers bereikt hij in 1995 tegen VOC waar hij 6-32 pakt met o.a. het wicket van Nathan Astle, die later furore zou maken in het Nieuw-Zeelandse elftal. 

  1. Leon Bouter

Leon is een van de meest kleurrijke en besproken cricketers op de Nederlandse velden in de jaren 90. Door zijn fanatisme en extreme winnaarmentaliteit gaat hij wel eens net over de grens, maar al met al is hij samen met Diederik Visée de beste spinbowler die HBS na 1982 heeft voortgebracht. In totaal speelt Bouter meer dan 200 wedstrijden voor HBS 1 en pakt hij ruim 230 wickets. Ook haalt hij nog het Nederlands elftal gehaald. Hiermee speelt hij het ICC toernooi in Kenia, waar en derde plek wordt behaald en Nederland zich (voor het eerst) kwalificeert voor het WK cricket 1996. Leon zijn beste cijfers komen ook tegen VOC, net als Jeroen Coster: 6-32. De andere 4 wickets werden in die wedstrijd genomen door Diederik Visée. Left-arm spinbowling wordt in 1996 niet echt gewaardeerd door de batting line-up van VOC.

  1. Jurriaan Geleynse

Jurriaan ‘Modekoning’ Geleynse acteert van 1996 t/m 2009 in HBS 1 op het hoogste niveau van Nederland. Vanwege werkzaamheden kan hij helaas niet altijd spelen, maar toch is hij altijd verslaafd gebleven aan deze prachtige sport. In totaal speelt Jur ruim 150 wedstrijden voor HBS 1 en pakt hij iets minder dan 200 wickets. Zijn meest memorabele spell is tegen Quick in 2003 op hun 1e voetbalveld. Wij maken op dit miniveld slechts 120 runs in 50 overs en niemand geeft ons ook maar een kansje om deze pot nog winnend af te sluiten. Quick, met Darron Reekers in grootse vorm, en de standaard Quicknamen Mol, Kramer, Pototsky en Brand zou dit totaaltje wel even binnen tikken. Maar door o.a. een fantastisch spell van Jur ( 3-11-7) en  3 wickets van Sjoerd en Grant gaat Quick 98 all out. 

     8.  Bob Goldman

Bob staat medio jaren ’80 bekend als een van de meest talentvolle fastbowlers van Nederland. In de jeugd is al te merken dat hij echt angst inboezemt bij tegenstanders. En als hij zich steeds meer ontwikkelt als een bowler die naast snel te zijn de bal ook nog eens alle kanten op kan laten bewegen, lijkt een grote carrière in het verschiet te liggen. Bob debuteert in 1986 in HBS 1. Al snel passeert Bob de grens van 50 wickets voor HBS 1, waarvan 2 identieke wickets van Peter Cantrell en Steven Lubbers, beiden clean bowled op een gigantische off-cutter. Helaas is Bob is het na een jaar of 5 helemaal kwijt en is in 1990 op een gegeven moment zelfs niet meer in staat om de bal überhaupt op de mat te krijgen. Uit medelijden laat de umpire het maar bij een stuk of 10 wides in de betreffende over, zodat Bob kan worden afgezet. Als hij een van de overs daarna een vang mist en een scheur in zijn hand oploopt is het drama compleet en volgt een trieste aftocht van het veld. Bob woont inmiddels al jaren in Duitsland, maar altijd als hij terug is op HBS valt het op hoe geliefd hij nog steeds is. Als hij toch eens nog een jaar of 10 zijn grote bowlingtalent had kunnen tonen voor HBS 1…….

  1. Pieter Paul Visser

Pieter Paul is een groot talent dat zich in de jaren ’80 aandient. Pieter Paul is een uitstekende fastbowler, hij komt van hoog door zijn lengte, kan daarmee echt naar zijn voor een batsman, maar weet vooral precies waar hij de bal bowlt, waardoor hij ook door zuinigheid opvalt. Als nummer 7, 8 of 9 in de battingorder bewijst Pieter Paul ook als batsman meerdere malen met zeer nuttige bijdragen zijn waarde. Met zijn talent is het niet verrassend dat Pieter Paul het ook tot international schopt. PP is ook nog eens geliefd bij het HBS-publiek en heeft in de jaren ’90 min of meer een eigen fanclub met de jongens van HBS 5 als harde kern. “PP op TT” schalt het vaak over het veld, waarbij TT voor teletekst staat. Met meer dan 300 wickets en meer dan 2000 runs kan PP in ieder geval bogen op een prachtige carrière in HBS 1.

  1. Marco Verzijl

Marco is een zeer nuttige offbreak-bowler die in de jaren ’90 met Leon Bouter en/of Diederik Visée van de andere kant meerdere malen bijdraagt aan meer dan 20 zuinige overs in het middelste deel van de fieldingsinnings van HBS. Marco zal uiteindelijk tot 72 wickets voor HBS 1 komen. Als batsman is hij min of meer de vaste nummer 11, waarmee hij zeker onderschat is. Je kan het ook een luxe noemen, dat je op nummer 11 nog iemand met zo’n goede techniek hebt. Marco’s fantasierijke verhalen in combinatie met zijn naamgenoot en medeslowbowler Fred van Kampong, leveren hem de bijnaam “Fred Verhaal”op.

Allrounders:

  1. Grant Elliott, buitenlander 

Waarschijnlijk is Grant Elliott de beste coach die HBS in de laatste decennia heeft gehad. Wanneer Grant in 2002 naar HBS komt, is hij een keurig rechtspelende Zuid Afrikaanse cricketer. Een talent in een land in verandering. Grant valt bij HBS direct op door zijn betrokkenheid, beleefdheid en kennis. Een jongen die binnen drie weken alle namen van de HBS’ers, die hij ontmoet heeft, kent. Grant is binnen no-time geliefd bij de gehele club. Op het veld laat hij de meest waanzinnige dingen zien. Zijn vang tegen VRA is een klassieker: volledig gestrekt duikend naar een bal die tussen alles en iedereen in valt. Hij maakt drie  keer 100, tegen VOC, ACC en de allermooiste tegen HCC. Eerst battend slaat HBS 198 runs bij elkaar, Grant 101. Een aardig totaal op het lange gras van HBS. HCC blijft continu in de race maar verliest ook regelmatig wickets. HCC heeft nog 3 wickets in hand om de laatste 9 runs in 2 overs bij elkaar te slaan. Alexei Kervezee krijgt de bal terwijl Sjoerd Weurman en Berend Westdijk ook nog overs hebben. Een geniale move van de coach. Alexei rolt de staart op met nog 1 bal te gaan: HCC 195 ao. Grant bowlt die wedstrijd 0-28-10. Nog een wapen van de huidig Nieuw Zeelander. Hij kan wedstrijden met de bal beslissen. In het seizoen 2012 keert Grant nog één keer terug naar de Daal en Bergselaan. Inmiddels hij Nieuw-Zeelands international en gepokt en gemazeld in het internationale cricket neemt hij HBS 1 bij de hand. In de cruciale play-off wedstrijd tegen Rood en Wit walst hij (onderwel geblesseerd aan de knie) door de Haarlemse verdediging. Met 7 voor 22 zorgt hij er persoonlijk voor dat de tweede innings een formaliteit is. Over Grant kunnen we heel lang door gaan. Het WK, de heroïsche halve finale op dat WK, zijn transformatie van ‘Testspeler’ tot T20-specialist. Zijn verhaal is te mooi om waar te zijn. Maar wat voorop staat bij alle HBS’ers is dat het gewoon een ongelooflijk aardige gozer is. Iemand waar je onvoorwaardelijk op kan bouwen.

  1. Shane Deitz, buitenlander 

Shane Deitz komt naar HBS omdat hij Steven Visée in zijn gezicht heeft gespuugd. Dit zit zo. Shane speelt in 2007 bij HCC en bevalt daar blijkbaar niet zo. Hij wordt door voorzitter Jeroen Smits bij HBS voorzitter Edwin Mitra aangeboden. Van huis uit doet Edwin altijd een beetje navraag, wanneer zoiets vanuit HCC gebeurt. In één van de onderlinge duels van dat seizoen lopen de spanningen hoog op. Steef is er uiteraard bij betrokken en Shane laat zich ook niet onbetuigd. Woorden worden gewisseld en uiteindelijk volgt dus ook een Australische fluim. Toen Ed dit hoorde was de beslissing meteen gemaakt: deze man moeten we hebben. Een gouden keuze. Een jaar later staat er onder Shane een team dat voor elkaar door het vuur wil gaan. De wicketkeeper uit South Australia blijkt een echte teamspeler  te zijn, die de juiste snaar bij de worstelende cricketafdeling weet te raken. Hij maakt dat jaar 619 runs, pakt 19 wickets en is een ware leider in het veld. Helaas kan Shane maar 1 jaar blijven. Later keert hij nog 2 keer kort terug. Altijd 100 procent gevend maar niet meer als de speler die hij was. Na HBS stort Shane zich op zijn coachingscarrière en is hij tegenwoordig al jaren bondscoach van Vanuatu.

  1. Jonathan Trott, buitenlander 

Jonathan Trott is geen briljante coach. Hij is nog jong wanneer hij naar HBS komt. Een beetje een losgeslagen jongen met een enorme drang om op stap te gaan. Trott heeft maar 1 jaar bij HBS gespeeld. Zijn cijfers zijn goed maar ook niet meer dan dat, 601 runs, 1 keer 100, 4 keer 50. Niet extreem bijzonder dus. Ook bowlend was hij goed, maar niet bijzonder: 29 wickets in 19 wedstrijden. De reden dat hij toch in deze lijst staat is het vervolg van zijn carrière. Jonathan speelt in zijn tijd bij HBS een meerdaagse proefwedstrijd bij Warwickshire in Engeland. De eerste inning van die wedstrijd gaat het niet best en zit hij voor nul aan de kant. Even wennen natuurlijk, weer terug van kokosmat naar gras. De tweede inning gaat het een stuk beter: 220 not out en een contract is binnen voor 2003. In Engeland gaat het eigenlijk gelijk goed. De halfbroer van Kenny Jackson laat zien een natuurtalent te zijn. In 2009 is hij gerechtigd om voor Engeland uit te komen. In de belangrijke laatste Ashes-test wordt hij opgeroepen om zijn debuut te maken. Engeland heeft genoeg aan een draw om de Ashes in Engeland te houden. In de tweede innings staat Engeland onder druk. Op 39 voor 3 komt de geboren Zuid- Afrikaan in en op 379 is hij het laatste wicket dat valt. Engeland wint de wedstrijd en dus de Ashes. Een vliegende start voor Jonathan Trott die hem uiteindelijk naar 3835 Testruns (hs. 226, 9 centuries, gem. 44.08) en 2819 ODI-runs (hs. 137, 4 centuries, gem. 51.35) zal brengen. Uiteindelijk is ‘Trottie’ de HBS-coach die het internationaal gezien het verst schopt en dan verdien je dus een plekje in deze lijst.

  1. Billy Stelling buitenlander

Billy Stelling speelt twee jaar bij HBS, in 2006 en 2007. Een Zuid Afrikaanse clubcricketer met een Nederlands paspoort die ook een aantal jaar voor het Nederlands elftal speelt. Hij maakt behoorlijk wat runs in zijn eerste jaar met een gemiddelde van bijna 50. In 2006 slaat hij zijn hoogste score van 102 in een partnership van 180 met onze huidige voorzitter. Maar zijn beste prestatie komt tijdens de laatste wedstrijd van het seizoen 2007: ACC uit, de verliezer degradeert naar de Eerste klasse. Wij zetten in 50 overs slechts het bescheiden totaal van 148 runs op het bord. Iedereen is ervan overtuigd dat dit niet genoeg is om ons te handhaven. Een speech van Steven Visée zet echter iedereen op scherp. Zeker Billy, die eens moest laten zien waarom HBS hem betaalt! Dit is niet tegen dovemansoren gezegd, want binnen no-time staat het 32 voor 5 met 5 wickets voor Billy Stelling. ACC komt nooit meer in de buurt en handhaving is een feit.

  1. Roland Lefebvre

Roland is een van de weinige Nederlandse profs die succesvol is in Engeland, bij Somerset. Hij werkt destijds voor Leon Bouter in de keukenbusiness, vandaar dat Roland bij HBS komt cricketen. Een zeer goede allrounder maar met niet echt een prettige persoonlijkheid. In 1999 en 2000 speelt hij 37 wedstrijden met in totaal bijna 50 wickets en 700 runs. Nogmaals een zeer goede cricketer, maar een aparte vogel.

  1. Kenny Jackson, buitenlander

Deze Zuid-Afrikaanse gigant komt van onze buren wat natuurlijk zeer gevoelig ligt. Maar hij heeft het toch drie seizoenen ( 1997/98/99) bij ons uitgehouden. Met Kenny moet HBS minimaal een keer kampioen worden. Echter gaat de thuiswedstrijd tegen VCC jammerlijk verloren op de laatste bal waardoor we het kampioenschap mislopen.
Kenny bezit nog altijd de op drie na hoogste score ooit op het hoogste niveau van Nederland met een waanzinnige score van 209. Hij speelt op dat moment helaas wel voor VCC. Zijn mooiste innings voor HBS is op dezelfde dag als Nederland-Argentinië tijdens het WK 98 in Frankrijk. Iedereen is met deze laatste wedstrijd bezig, maar Kenny wil gewoon kampioen worden en focust zich slechts hier op. Een ongekende 127 keiharde runs is het resultaat, zelfs Chris Pringle van HCC met 2-62-11 wordt alle kanten opgebeukt. Overall heeft deze meneer Pringle in 118 wedstrijden 264 wickets gepakt met een gemiddelde van 11.27 en economy rate van 2.67! U kunt zich dus wel voorstellen wat een waanzinnige innings dit is geweest. Wij maken er meer dan 300 en gooien de roodbroeken uit voor 150 in 36 overs. Net op tijd voor de 2e helft bij het voetbal met als afsluiter de pass van Frank op Dennis en iedereen weet het resultaat….

  1. Joost van der Laan 

Dit kind van de club (met meer dan 200 wedstrijden in HBS 1 voetbal) speelt 128 wedstrijden op het hoogste niveau met HBS 1 Cricket. Een zeer verdienstelijk bowler die altijd zijn wickets pakt, met als beste cijfers 4-18 tegen Rood en Wit. Zijn meest memorabele battinginning is tegen VOC. In juni 1998 is VOC een zeer sterk team met de Australische leg-break bowler Peter McIntyre. Dit zegt men over hem: “He was a leg-spin bowler, unlucky to have arrived at the same time as fellow spin bowler Shane Warne,”. Zonder Warne was dit misschien een hele grote geworden. VOC maakt er 169 dus dat wordt een eitje zou je zeggen. Maar met een stand van 94-6 en alle toppers ( Bradley, Diederik, Reinout, Kenny) uit geeft niemand ons nog een redelijke kans. Joost en Taco leggen echter een partnership neer van 76 runs en onder meer McIntyre moet eraan geloven. Hij wordt twee keer voor 6 geslagen door een ontketende Van der Laan. De allrounder eindigt op 61 not out. Hieruit blijkt dat Joost een zeer nuttige allround cricketer is, die alle facetten van het spel goed onder de knie had. Jammer dat hij ook zo vreselijk goed kan verdedigen met voetbal anders….

  1. Anton Devcich, buitenlander 

Anton, een extreem goede allrounder ( batten, bowlen en fielden), speelt in 2010 voor HBS. Met meer dan 700 runs, 30 wickets en 8 vangen en diverse run outs toont Anton dit aan. Helaas komt hij maar 1 seizoen voor ons uit, de selectors van Nieuw Zeeland ontdekken hem ook. Hij speelt diverse ODI’s en T20’s voor het nationale elftal van de Kiwi’s. Helaas blijkt Devcich blessuregevoelig en breekt hij daardoor nooit echt helemaal door. Maar het blijft een waanzinnige topcricketer, die ook bij HBS werd gewaardeerd. 

  1. Huib Visee

Huib is wellicht de meest talentvolle Nederlandse cricketer aller tijden, een ongekend talent dat zich op jeugdige leeftijd al aandient in het eerste elftal van HBS en deel uitmaakt van de kampioensploeg van eind jaren ’70. Voor de echte cricketliefhebber is het werkelijk een genot om naar Huib te kijken. Wat een ongelofelijk mooie actie heeft hij als bowler en wat een fenomenale techniek als batsman. Met recht een ware allrounder die als batsman meer dan 5000 runs heeft gemaakt voor HBS 1 en als bowler meer dan 300 wickets heeft genomen. Door zijn techniek lijkt het wel alsof Huib nooit slechter wordt met het verstrijken van de jaren. Het mooiste voorbeeld hiervan is in 2003. HBS 1 strijdt tegen degradatie en er moet een beslissingswedstrijd aan te pas komen tegen Rood & Wit op het veld van HCC. De verliezer van deze wedstrijd degradeert uit de Hoofdklasse. HBS is er niet gerust op en Huib wordt opgetrommeld. Met 28 runs, alle van het midden van het bat en 1 voor 34 in 10 levert Huib een ouderwetse allround-prestatie en speelt HBS zich veilig.

Cricket Nieuws overzicht